Zinzendorflaan 1, Zeist

Aan de zuidkant van Zeist, aan de rand van de bebouwde kom, ligt het majestueuze Slot Zeist. Het is een groot complex, wat hoofdzakelijk bestaat uit het omgrachte slot en de bebouwing aan het Broeder- en Zusterplein aan weerszijden van de Slotlaan. Drie afzonderlijke gebouwen vormen het eigenlijke Slot: een hoofdgebouw (corps de logis), geflankeerd door twee zelfstandige vleugels (bouwhuizen).

Vanaf de lange Slotlaan en de aansluitende Verlengde Slotlaan kijkt men uit op de voorgevel van het hoofdgebouw; de Koelaan is de zichtas op de achtergevel. De lanen zijn de hoofdassen van de 17de-eeuwse formele aanleg met deeltuinen, nutstuinen en sterrenbossen. Voor het Slot ligt een dwarsas, de Zinzendorflaan, met een open voorplein dat toegang geeft tot de gebouwen.

De bebouwing aan het Broeder- en Zusterplein volgt de vorm van de oorspronkelijke rechthoekige percelen aan weerszijden van de centrale as. Achter het Zusterplein ligt een begraafplaats van de Evangelische Broedergemeente. Deze omgrachte begraafplaats komt uit 1748 en ligt in een voormalige deeltuin, waarschijnlijk de Nieuwe Kom of Orangerij Park. Van deze tuinen zijn twee gerestaureerde tuinmuren bewaard gebleven. De vroegere moestuinen en sterrenbossen, die in de 19e eeuw deel uit maakten van de landschappelijke aanleg van tuinarchitect Zocher junior, zijn nu in gebruik als sportvelden en volkstuinen.

Van de tuinornamenten die vroeger volop te vinden waren in de tuin, resteert slechts één beeldengroep met allegorische figuren van de werelddelen Europa en Afrika, ontworpen door Albert Xavery. Ook is er nog één van de twee theekoepels aanwezig, die worden toegeschreven aan Jacob Roman. Deze koepels accentueerden de beide hoeken van de tuin achter het slot. Tevens zijn twee tuinvazen (zogenaamde Marotvazen) bewaard gebleven.

Jacob Roman bouwde tussen 1676 en 1686 Slot Zeist in de Hollands classicistische stijl in opdracht van Willem Adriaan van Nassau. De zijvleugels en de tuinen werden het eerst voltooid.

Halverwege de 18de eeuw kregen de leden van de Evangelische Broedergemeente, ook wel de Hernhutters genaamd, de beschikking over een vleugel van het Sloten de percelen daarvoor. Hierop werden wat later de huizen van de Broedergemeente gebouwd.

Rond 1830 liet jonkheer J.E. Huydecoper, de toenmalige eigenaar van Slot Zeist, de tuinen vernieuwen in Engelse landschapsstijl. Het ontwerp hiervoor was van de hand van J.D. Zocher junior. De hoofdlijnen van de formele structuur bleven daarbij behouden, maar de rechthoekige gracht kreeg een meer slingerend beloop. De formele lijnen werden naderhand gebruikt bij de dorpsuitbreidingen van Zeist. Zo werd villapark het Wilhelminapark tussen 1885 en 1910 tussen de Slotlaan en de Woudenbergseweg aangelegd, waarbij het padenpatroon van onder andere het sterrenbos deels in de plattegrond werd geïntegreerd.

De gemeente Zeist is sinds 1924 eigenaar van het Slot. Van 1960 tot 1968 werd het gebouwencomplex grondig gerestaureerd en in 2006 volgde een tweede restauratie. In het interieur zijn onder andere de stijlkamers naar ontwerp van Daniel Marot nog aanwezig.

naar de website

Youtube

Facebook

Twitter